Dit is een vraag die niet eenvoudig te beantwoorden is. Ieder mens is uniek.
Wie je bent noem je je identiteit:
Je opvoeding, scholing, werk, je sociale rol, je plek in het ouderlijk gezin, je karakter
Hoe je als mens gekent en erkent wilt worden noem je je individualiteit:
Dit is hoe je je kleed, je haar het liefste draagt, welke boeken je het liefste leest en welke muziek je het meeste van houdt. Op deze manier uit je dus wie je bent.
Verder wordt je ook gevormd door je omgeving: je persoonlijk levensgeschiedenis,zowel de feiten als hoe je zelf je leven hebt beleefd , de rode draad in je leven, de tijd waarin je leeft. Dit alles kun je niet los zien van wie je bent.
Als je dement wordt ben je meer dan wat vergeetachtig.
Je kunt geen nieuwe informatie meer opnemen en onthouden. Maar de informatie over jezelf van langer geleden blijft nog erg lang aanwezig.
We weten nog niet precies hoe de hersenen werken, laat staan dat we begrijpen hoe het dementeringsproces presies ingrijpt in ons geheugen.
Wel weten we inmiddels dat het niet zo simpel is als ik vroeger werd verteld.
Nl:
Het geheugen bij dementerenden rolt als het ware op van achter naar voor.
Je raakt het eerste kwijt wat je het laatste hebt geleerd. En zo terug in de tijd.
Wat je het eerste hebt geleerd behoudt je het langste.
Ik probeerde dus te achterhalen in welke tijd iemand was beland en vanuit daar kon ik dus inschatten wat iemand nog wel of niet begreep.
Helaas bleek dit allerminst te werken. Was het maar zo eenvoudig.
Tegenwoordig weten we dat het proces van vergeetachtigheid heel anders afgebroken wordt.
Ik vergelijk het met een boekenkast. bij wijze van spreken schrijf je elke dag van je leven een bladzijde. Elk jaar is een boek in de kast.
Als je dement wordt verdwijnen de boeken niet netjes van achter naar voor op volgorde
maar je raakt bladzijden kwijt uit verschillende boeken. Bladzijden raken door elkaar
boeken staan op de verkeerde plaats of raken helemaal kwijt
En wat het nog moeilijker maakt elke dag kan de boekenkast er anders uitzien.
Het is dus telkens een puzzel elke dag opnieuw. En dat kost erg veel energie, niet alleen voor de familie maar wat denk je van de client zelf.
Daarbij komt dat er veel verschillende soorten dementie zijn, De ene vorm van dementie is de andere niet. Vasculaire dementie kunt je niet vergelijken met Alzheimer en al helemaal niet met de ziekte van korsakov. Of dementie ten gevolgen van zuurstof gebrek in de hersenen na een ongeval
Dat betekent in de praktijk dat wat het ene moment helpt het gedrag te begrijpen, het andere moment niet hoeft te werken.
Wat voor die ene client veiligheid biedt kan een ander juist erg onrustig maken.
Je wordt dus letterlijk gedwongen bij het moment te leven.
Het derde belangrijke inzicht is dat dementie een crisis is.
Een crisis is een ernstige verstoring van het emotionele evenwicht, dit kan zowel door positieve of negatieve gebeurtenissen worden veroorzaakt. De spanning die dit met zich meebrengt wordt stress genoemd. Ieder mens probeert deze spanning en emoties het hoofd te bieden, dit gedrag wordt coping genoemd. En ieder mens ontwikkelt zijn eigen copingstrategie op basis van levenservaring.
Als je meerder malen in je leven met eenzelfde crisis te maken krijgt bv een scheiding kan er een zn stapeling plaatsvinden en je meer problemen ondervinden in het verwerken ervan. een keer kan gebeuren, twee keer is heel vervelend maar 3 keer kan je behoorlijk aan jezlef gaan doen twijfelen
Het inzicht dat gedrag van dementerenden niet alleen kan worden gezien als gedrag wat je niet kunt veranderen, omdat het nu eenmaal door de dementie komt, maar vaak het gevolg is van hoe iemand met de situatie omgaat; geeft ons een heleboel handvaten om hulp te bieden. Crisissen herkennen we allemaal, daardoor wordt gedrag begrijpelijker, kun je je makkelijker inleven en emotioneel porberen te steunen.
woensdag 10 oktober 2007
stukje geschiedenis over wat er verandert is mbt omgang met dementerenden
Als we praten over dementie dan zegt het nog heel weinig over hoe iemand is en waar hij nog wel of niet meer toe in staat is. Ook zegt het nog niets over de contact mogelijkheden die er overblijven.
Bij het dementeren is er sprake is van verschillende fasen.De achteruitgang verloopt in fasen. Er is wel veel verandert hoe we tegen dementie aankijken en hoe we het onder woorden brengen. In de jaren 70 benoemde men deze fasen vanuit de verpleegkundige visie.Er werden 3 stadia herkent.
Begeleidings behoeftigen.
Verzorgings behoeftigen
Verplegings behoeftigen
Mensen in de verschillende stadia werden bij voorkeur apart verzorgd. Dit had als gevolg dat mensen naar een andere afdeling werden overgeplaatst als men geestelijk verder achteruit ging. Dit was omdat ieder stadia had een eigen benaderingswijze nodig had.
Zo werd bij de begeleidings behoeftigen Realiteits Orientatie Training toegepast.
Zoveel mogelijk proberen achteruitgang proberen tegen te gaan. Veel oefenen met geheugenspelletjes, zoveel mogelijk voor jezelf zorgen. Trainen bij het wassen en aankleden.Voordurend informatie herhalen en de omgeving herkenbaar maken met wegwijzerbordjes en rode stippen in het zeil waar men bv de wc kon vinden. Dagelijk de krant lezen, datum herhalen, naam herhalen. zoveel mogelijk structuur aanbieden.
Helaas was op deze afdelingen soms heel veel onrust, want als er een bewoner zei: ik ga naar huis, dan stapte iedereen op en liep men gezamelijk over de gang op zoek naar de uitgang. want iedereen wilde dan mee naar huis.
Later werd in de literatuur beschreven dat er in het tweede stadia een onderscheidt was te maken tussen het begin en het einde en met de komst van de Validation door Naomie Veil werden de stadia beschreven vanuit wat we herkennen aan dementerenden
stadia van lichte verwardheid
stadia van desorientie in tijd
stadia van repeterende bewegingen
vegatatief stadia
Vooral de Validation heeft ons heel veel geleerd over het belang van de contact mogelijkheden en ons inzicht gegeven hoe dementerende hun eigen situatie beleven.
In plaats van tegen de achteruitgang te vechten wordt de dementerende geaccepteerd zoals hij is. Het grondbeginsel is dat ieder mens waardevol is en ieder gedrag betekenis heeft, ongeacht de mate van dementie. In plaats van de dementerende te orienteren op onze werkelijkheid, probeer je mee te gaan in zijn belevingswereld met empatie en zonder dat je oordeelt. Met als doel het herstellen van het gevoel van eigenwaarde en het verminderen van angst en spanning.
Validation omschrijft een heleboel verbale en non verbale technieken die je in verschillende fasen wel of juist niet kunt gebruiken
Ook wordt er veel gebruik gemaakt van de ontwikkelingsstadia in de levensloop van mensen vlg Erik Erikson. nl De fasen in ieders mensenleven om te komen tot ego-integriteit.Volgens Erikson staat in de ouderdom het laatste thema 'integratie versus wanhoop' centraal. De oudere overdenkt zijn leven om te bezien of het goed was, of hij zijn leven zoals het gegaan is heeft aanvaard.
Uiteindelijk moet de oudere mens kunnen zeggen: 'Mijn leven is goed zoals het geweest is'. Als hem dit niet lukt zal hij wanhopig worden. Hij kan het leven immers niet meer overdoen.
Ook werd voor mensen in het vegetatief stadium het zn snoezelen of zintuigactivering ontwikkelt, omdat ook diep demente mensen behoefte hebben aan nabijheid en contact en ook omdat het zorgen voor deze mensen als er geen reactie meer terug komt erg moeilijk is vol te houden, gingen verzorgenden met hun eigen behoefte aan contact met deze mensen aan de slag.
In een snel tempo ontwikkelden zich heel veel verschillende benaderingswijzen zoals warme zorg, reminicentie
Vanuit deze ontwikkeling en ook alle vragen die deze verschillende benaderingswijzen oproepen aan dissusie , hoe, wanneer, bij wie en door wie toe te passen, werd belevingsgerichte zorg ontwikkeld.
Niet de benaderingswijze en hun toepassing hoort centraal te staan. Maar de dementerende mens zelf. Verzorgenden en familieleden kunnen alle benaderingswijze toepassen die de dementerende ondersteunt. We gingen ons verdiepen in de ervaring van de dementerende zelf, wat vind hij zelf over zijn situatie en bij welke hulp is hij gebaat. Daarmee kwamen er ook nieuwe namen voor de verschillende fasen , maar nu beschreven vanuit de beleving van de dementerende
fase van de bedreigde ik
fase van de verdwaalde ik
fase van de verborgen ik
fase van de verzonden ik
hier vind je een handig schema om te herkennen in welk stadia iemand verkeert;
http://www.imoz.nl/uploads/ikbeleving.pdf
Dit schema is niet bedoeld om iemand in een hokje te plaatsen, maar juist om een handvat te hebben over hoe je met iemand om kan gaan en om eventuele valkuilen te voorkomen.
Bij het dementeren is er sprake is van verschillende fasen.De achteruitgang verloopt in fasen. Er is wel veel verandert hoe we tegen dementie aankijken en hoe we het onder woorden brengen. In de jaren 70 benoemde men deze fasen vanuit de verpleegkundige visie.Er werden 3 stadia herkent.
Begeleidings behoeftigen.
Verzorgings behoeftigen
Verplegings behoeftigen
Mensen in de verschillende stadia werden bij voorkeur apart verzorgd. Dit had als gevolg dat mensen naar een andere afdeling werden overgeplaatst als men geestelijk verder achteruit ging. Dit was omdat ieder stadia had een eigen benaderingswijze nodig had.
Zo werd bij de begeleidings behoeftigen Realiteits Orientatie Training toegepast.
Zoveel mogelijk proberen achteruitgang proberen tegen te gaan. Veel oefenen met geheugenspelletjes, zoveel mogelijk voor jezelf zorgen. Trainen bij het wassen en aankleden.Voordurend informatie herhalen en de omgeving herkenbaar maken met wegwijzerbordjes en rode stippen in het zeil waar men bv de wc kon vinden. Dagelijk de krant lezen, datum herhalen, naam herhalen. zoveel mogelijk structuur aanbieden.
Helaas was op deze afdelingen soms heel veel onrust, want als er een bewoner zei: ik ga naar huis, dan stapte iedereen op en liep men gezamelijk over de gang op zoek naar de uitgang. want iedereen wilde dan mee naar huis.
Later werd in de literatuur beschreven dat er in het tweede stadia een onderscheidt was te maken tussen het begin en het einde en met de komst van de Validation door Naomie Veil werden de stadia beschreven vanuit wat we herkennen aan dementerenden
stadia van lichte verwardheid
stadia van desorientie in tijd
stadia van repeterende bewegingen
vegatatief stadia
Vooral de Validation heeft ons heel veel geleerd over het belang van de contact mogelijkheden en ons inzicht gegeven hoe dementerende hun eigen situatie beleven.
In plaats van tegen de achteruitgang te vechten wordt de dementerende geaccepteerd zoals hij is. Het grondbeginsel is dat ieder mens waardevol is en ieder gedrag betekenis heeft, ongeacht de mate van dementie. In plaats van de dementerende te orienteren op onze werkelijkheid, probeer je mee te gaan in zijn belevingswereld met empatie en zonder dat je oordeelt. Met als doel het herstellen van het gevoel van eigenwaarde en het verminderen van angst en spanning.
Validation omschrijft een heleboel verbale en non verbale technieken die je in verschillende fasen wel of juist niet kunt gebruiken
Ook wordt er veel gebruik gemaakt van de ontwikkelingsstadia in de levensloop van mensen vlg Erik Erikson. nl De fasen in ieders mensenleven om te komen tot ego-integriteit.Volgens Erikson staat in de ouderdom het laatste thema 'integratie versus wanhoop' centraal. De oudere overdenkt zijn leven om te bezien of het goed was, of hij zijn leven zoals het gegaan is heeft aanvaard.
Uiteindelijk moet de oudere mens kunnen zeggen: 'Mijn leven is goed zoals het geweest is'. Als hem dit niet lukt zal hij wanhopig worden. Hij kan het leven immers niet meer overdoen.
Ook werd voor mensen in het vegetatief stadium het zn snoezelen of zintuigactivering ontwikkelt, omdat ook diep demente mensen behoefte hebben aan nabijheid en contact en ook omdat het zorgen voor deze mensen als er geen reactie meer terug komt erg moeilijk is vol te houden, gingen verzorgenden met hun eigen behoefte aan contact met deze mensen aan de slag.
In een snel tempo ontwikkelden zich heel veel verschillende benaderingswijzen zoals warme zorg, reminicentie
Vanuit deze ontwikkeling en ook alle vragen die deze verschillende benaderingswijzen oproepen aan dissusie , hoe, wanneer, bij wie en door wie toe te passen, werd belevingsgerichte zorg ontwikkeld.
Niet de benaderingswijze en hun toepassing hoort centraal te staan. Maar de dementerende mens zelf. Verzorgenden en familieleden kunnen alle benaderingswijze toepassen die de dementerende ondersteunt. We gingen ons verdiepen in de ervaring van de dementerende zelf, wat vind hij zelf over zijn situatie en bij welke hulp is hij gebaat. Daarmee kwamen er ook nieuwe namen voor de verschillende fasen , maar nu beschreven vanuit de beleving van de dementerende
fase van de bedreigde ik
fase van de verdwaalde ik
fase van de verborgen ik
fase van de verzonden ik
hier vind je een handig schema om te herkennen in welk stadia iemand verkeert;
http://www.imoz.nl/uploads/ikbeleving.pdf
Dit schema is niet bedoeld om iemand in een hokje te plaatsen, maar juist om een handvat te hebben over hoe je met iemand om kan gaan en om eventuele valkuilen te voorkomen.
Labels:
begeleiden,
desorientatie,
stadia dementie,
verplegen,
verzorgen
vrijdag 28 september 2007
het levensboek waarom en hoe
Het levensboek
Het levensboek vertelt in woord en beeld het levensverhaal van de bewoner of familielid.
Het levensboek is een hulpmiddel in de omgang met de bewoner/ familielid die in het verleden leeft.
Waarom een levensboek?
Naar mate de bewoner/familielid verder komt in het proces van dementie gaat hij zich meer en meer orienteren op zijn verleden. De werkelijkheid van vandaag wordt beleefd en begrepen vanuit het verleden.
Aan zijn eigen verleden ontleent hij/zij eigenwaarde, houvast, vertrouwdheid en een gevoel van " dat ben ik"
Luisteren en kijken naar herinneringen van vroeger biedt ontspanning. Foto’s en plaatjes geven herkenning zonder woorden. Vooral als woorden verstommen kan het levensboek een hulp zijn voor familie om invulling te geven aan hun bezoek in het verpleeghuis.
Ook verzorgenden en vrijwilligers kunnen er ideeen uit opdoen bij het geven van persoonlijke aandacht aan de bewoner.
Wat komt er in het levensboek te staan?
Het levensboek bevat foto’s , plaatjes en verhalen van mensen en dingen waaraan de bewoner fijne herinneringen heeft of wat voor hem of haar eigen en vertrouwd is. Anders gezegd, wat voor hem of haar een thuis is.
Enkele ideeen voor het maken van een levensboek:
Kies een losbladig klappersysteem b.v. een ringband
Zorg voor een volgorde in de tijd
Besteed ruim aandacht aan de jeugdjaren van de bewoner bij zijn ouders thuis
Misschien kan de bewoner zelf nog op enigerlei wijze helpen bij het samenstellen van het levensboek
b.v zijn eigen woorden als commentaar bij een foto of plaatje.
Vraag zonodig om aanvullende informatie bij iemand, die de bewoner in zijn jonge jaren goed heeft meegemaakt b.v een broer of zus, vriendin
Bescherming van de privacy: bedenk bij het samenstellen van het levensboek dat het boek niet open op tafel in de huiskamer hoeft te liggen, maar dat het boek ook niet achter slot en grendel bewaard moet worden. Vermeld niet alleen fijne vertrouwde herinneringen maar vermeld ze op een manier zoals de bewoner het van zichzelf gedaan zou hebben.
Naar keuze kunt U het levensboek uitbreiden als communicatieschrift voor bezoek b.v.
Maandagmiddag Nel op bezoek geweest, samen buiten gewandelt en thee gedronken.
Tenslotte enkele voorbeelden om een en ander duidelijker te maken:
Geliefde onderwerpen
Geboorteplaats of streek: b.v. zeeuwse babbelaars, stad of platteland, waar de bewoner is opgegroeid
Oudelijk gezin: b.v. broers en zussen b.v broer die missionaris was in Afrika
Belangrijke personen en zaken uit de jeugdjaren: liefhebberijen uit die tijd, koosnaam Dondersteentje, logeren bij tante Jaan, een liedje of versje, zondagsschool
Scholing en beroep: b.v. Juffouw Cato, de eerste baan, beroepsattributen bv gereedschap
Huwlijk en gezin: bv de huwlijksreis, vakanties aan zee, familie anekdotes, woonadressen, foto’s van het huis
Levensovertuiging: geloof, bv reis naar Lourdes, Maria verering, lievelingspsalm of gebed voor het eten of het slapen gaan.
Vrije tijd en belangstelling: weekblad bv vorsten of de boerderij, sportclub Concordia, korfbalvereniging, zangvereniging, kweken van rozen, de oude Drees, vriendschap met Jimmy ( huisdieren) een amerikaanse bevrijder in 1944
Je kunt familie vragen een boek te maken. Je kunt voorbeeld van een leeg boek laten zien of een voorbeeld van een andere bewoner evt met toestemming van de familie
Families kunnen elkaar ook adviseren, helpen
Je kunt de activiteitenbegeleiding hierbij betrekken, familie kan onze hulp inroepen als ze dit wensen
Je moet er rekening mee houden dat het samenstellen van een levensboek het verwerkingsproces van de familie kan ondersteunen
Het levensboek vertelt in woord en beeld het levensverhaal van de bewoner of familielid.
Het levensboek is een hulpmiddel in de omgang met de bewoner/ familielid die in het verleden leeft.
Waarom een levensboek?
Naar mate de bewoner/familielid verder komt in het proces van dementie gaat hij zich meer en meer orienteren op zijn verleden. De werkelijkheid van vandaag wordt beleefd en begrepen vanuit het verleden.
Aan zijn eigen verleden ontleent hij/zij eigenwaarde, houvast, vertrouwdheid en een gevoel van " dat ben ik"
Luisteren en kijken naar herinneringen van vroeger biedt ontspanning. Foto’s en plaatjes geven herkenning zonder woorden. Vooral als woorden verstommen kan het levensboek een hulp zijn voor familie om invulling te geven aan hun bezoek in het verpleeghuis.
Ook verzorgenden en vrijwilligers kunnen er ideeen uit opdoen bij het geven van persoonlijke aandacht aan de bewoner.
Wat komt er in het levensboek te staan?
Het levensboek bevat foto’s , plaatjes en verhalen van mensen en dingen waaraan de bewoner fijne herinneringen heeft of wat voor hem of haar eigen en vertrouwd is. Anders gezegd, wat voor hem of haar een thuis is.
Enkele ideeen voor het maken van een levensboek:
Kies een losbladig klappersysteem b.v. een ringband
Zorg voor een volgorde in de tijd
Besteed ruim aandacht aan de jeugdjaren van de bewoner bij zijn ouders thuis
Misschien kan de bewoner zelf nog op enigerlei wijze helpen bij het samenstellen van het levensboek
b.v zijn eigen woorden als commentaar bij een foto of plaatje.
Vraag zonodig om aanvullende informatie bij iemand, die de bewoner in zijn jonge jaren goed heeft meegemaakt b.v een broer of zus, vriendin
Bescherming van de privacy: bedenk bij het samenstellen van het levensboek dat het boek niet open op tafel in de huiskamer hoeft te liggen, maar dat het boek ook niet achter slot en grendel bewaard moet worden. Vermeld niet alleen fijne vertrouwde herinneringen maar vermeld ze op een manier zoals de bewoner het van zichzelf gedaan zou hebben.
Naar keuze kunt U het levensboek uitbreiden als communicatieschrift voor bezoek b.v.
Maandagmiddag Nel op bezoek geweest, samen buiten gewandelt en thee gedronken.
Tenslotte enkele voorbeelden om een en ander duidelijker te maken:
Geliefde onderwerpen
Geboorteplaats of streek: b.v. zeeuwse babbelaars, stad of platteland, waar de bewoner is opgegroeid
Oudelijk gezin: b.v. broers en zussen b.v broer die missionaris was in Afrika
Belangrijke personen en zaken uit de jeugdjaren: liefhebberijen uit die tijd, koosnaam Dondersteentje, logeren bij tante Jaan, een liedje of versje, zondagsschool
Scholing en beroep: b.v. Juffouw Cato, de eerste baan, beroepsattributen bv gereedschap
Huwlijk en gezin: bv de huwlijksreis, vakanties aan zee, familie anekdotes, woonadressen, foto’s van het huis
Levensovertuiging: geloof, bv reis naar Lourdes, Maria verering, lievelingspsalm of gebed voor het eten of het slapen gaan.
Vrije tijd en belangstelling: weekblad bv vorsten of de boerderij, sportclub Concordia, korfbalvereniging, zangvereniging, kweken van rozen, de oude Drees, vriendschap met Jimmy ( huisdieren) een amerikaanse bevrijder in 1944
Je kunt familie vragen een boek te maken. Je kunt voorbeeld van een leeg boek laten zien of een voorbeeld van een andere bewoner evt met toestemming van de familie
Families kunnen elkaar ook adviseren, helpen
Je kunt de activiteitenbegeleiding hierbij betrekken, familie kan onze hulp inroepen als ze dit wensen
Je moet er rekening mee houden dat het samenstellen van een levensboek het verwerkingsproces van de familie kan ondersteunen
Abonneren op:
Posts (Atom)